Nu het einde van het schooljaar nadert, schuiven we een bijzonder schooldocument uit de 19de eeuw voor de lens. Het gaat om het palmares van het afstudeerjaar 1876 aan het Roeselaarse Klein Seminarie. Hierin werden per vak de namen van de best geklasseerde studenten weergegeven, degene met minder goede uitslagen werden hier niet in vermeld. Opvallend genoeg deelde men ook de punten zelf niet mee.

 

Bovenaan elke lijst staat telkens degene die de eerste prijs voor dat vak behaald heeft. Twee namen vallen hier op: Albert Rodenbach (de Roulers) en Constant Lievens (de Moorslede), die de ereplaatsen onder elkaar lijken te verdelen. Albert, Berten of Albrecht Rodenbach is bekend om zijn strijd voor een hernieuwd Vlaams bewustzijn onder de studenten, hierbij geïnspireerd door priester-leraars als Hugo Verriest en Guido Gezelle. Frans was immers de voertaal geworden in de colleges, zoals dit document ook aantoont. In ‘Langue Flamande’ blonk hij dan ook duidelijk uit, wat zich vertaalde in talloze gedichten, verhalen en toneelteksten. Hij stierf op jonge leeftijd aan tuberculose en zijn bronzen standbeeld van de hand van Jules Lage siert heden ten dage nog steeds het De Coninckplein in Roeselare.

 

Die andere begenadigde leerling uit de zogenoemde ‘wonderklas’ is Constant Lievens uit Moorslede. Hij ging theologie studeren en trad in als Jezuïet. In die hoedanigheid ging hij missiewerk verrichten in India, waar hij in 1883 tot priester werd gewijd. Hij zette zich naast zijn kersteningswerk ter plekke ook in voor onderwijs, liefdadigheidswerk en mensenrechten. Ook hij wordt echter getroffen door tuberculose en sterft – terug in België – eveneens op relatief jonge leeftijd. Een bronzen standbeeld van hem te paard siert de Marktplaats te Moorslede.

 

De ereprijs of ‘Médaille d’Honneur’ gaf men aan de beste leerling over de hele lijn. Voor afstudeerjaar 1876 was dit Albert Rodenbach (de Roulers), leerling in de Retorica.

 

Dit bijzondere document is afkomstig uit het rijke schoolarchief van het Klein Seminarie in Roeselare. Daar beschikt men nog over alle palmaressen van 1806 tot heden, naast economaatsboeken, puntenboeken, briefwisseling, een fotoverzameling en een eigen bibliotheek. Alles bij elkaar goed voor ca. 200m aan documenten van de augustijnentijd tot vandaag. Meer informatie over het erfgoed van het Klein Seminarie vind je hier: www.erfgoedkleinseminarie.be.

 

(Met dank aan Johan Strobbe voor de info en de foto’s.)