Achter de muren van brouwerij Rodenbach zit meer dan schuimend gerstenat. De mooie erfgoedlocatie herbergt ook heel wat uniek erfgoed dat verbonden is met het verleden van de site, de stad en de familie Rodenbach.

 

Eén van de mooiste en meest tot de verbeelding sprekende stukken is deze didactische wandkaart van België die, zoals het papiertje dat eraan bevestigd is meldt, diende voor het ‘blinden-onderricht’. De kaart werd gemaakt ‘naar Alexander Rodenbach’ en dat verklaart vermoedelijk waarom ze in brouwerij Rodenbach terecht kwam. Hoe dat gebeurde en wanneer is echter een vraagteken.

 

Alexander Rodenbach (1786-1869) werd op elfjarige leeftijd getroffen door blindheid. Dit hield hem niet tegen om carrière te maken als ondernemer en politicus. In de negentiende eeuw stond het onderwijs voor blinden nog in zijn kinderschoenen. Alexander zelf kreeg een opleiding in Parijs en solliciteerde later vergeefs naar een job als leraar voor blinden. Dat lukte niet en de ‘blinde Rodenbach’ richtte niet veel later de stokerij op die zou uitgroeien tot de befaamde brouwerij. Hij bleef zich zijn hele loopbaan inzetten voor een verbetering van de situatie van blinden en ijverde in diverse geschriften voor een beter onderwijs met aangepaste didactische hulpmiddelen.

 

Deze wandkaart van het jonge België is zo’n aangepast instrument. Het idee daarvoor kwam van Rodenbach zelf. Geborduurde draden van verschillende dikte en textuur markeren de provinciegrenzen, grote wegen, waterlopen en steden en maken het mogelijk om zich op de tast te oriënteren. De kaart werd vervaardigd door de gebroeders Callewaert uit Brussel en de aanwezigheid van het kanaal Roeselare-Leie laat toe de kaart met zekerheid na 1872 te dateren. Rodenbach zelf lobbyde overigens mee voor het graven van deze waterweg die voor Roeselare een belangrijke economische levensader zou worden. Zeker is ook dat de kaart voor de Eerste Wereldoorlog werd gemaakt. De afwezigheid van de Oostkantons, het ontbreken van veldslagen uit die periode op de kaart en het feit dat mijnbekkens in Limburg nog niet zijn aangeduid doen vermoeden dat dit stukje erfgoed laat-negentiende-eeuws is.

 

Aan de legende is te zien hoe de kaart oorspronkelijk niet voor blinden werd gemaakt, maar achteraf werd aangepast. De kans is groot dat de kaart aangepast en gebruikt werd in het Koninklijk gesticht der blinden en doofstommen in Brussel, waar Rodenbach zelf regelmatig verbleef. De sporen van intensief gebruik zijn in elk geval zichtbaar. Misschien kreeg de brouwerij de kaart in handen toen ze haart functie verloor doordat ze gedateerd was of er betere instrumenten waren. Als decoratief element getuigt ze nu van de veelzijdigheid van één van founding fathers van brouwerij Rodenbach.